Met Interrail naar de Middernachtzon (Deel III)

Elders op deze website kon u al de eerste twee delen van onze Interrail treinreisblog naar de Middernachtzon uitvoerig lezen. Onze tocht loopt stilaan op zijn einde. Nu bereiken we onze laatste bestemming. Narvik bevindt zich op 400 km ten noorden van de poolcirkel. In de zomer, vanaf medio mei tot en met eind juli schijnt de zon vierentwintig uur op zeven dagen. In Narvik  maken we kennis met de Sami.

Onze gids, Rita, wacht ons op in het Scandic Hotel. Ze stelt zichzelf voor als half-Noors, half Sami. Onze interesse is meteen gewekt. ‘Sami?’ Rita beaamt. ‘Jullie kennen ons beter onder de naam Lappen.’ Lapland is geen feitelijke staat. Het land van de Sami bevindt zich in het noorden van Noorwegen, Zweden, Finland en Rusland. Rita begeleidt ons naar het Polar Park.in Bardu.

Polar Park, the wildlife experience

‘Dit is geen zoo,’ beweert een dierenverzorgster en locale gids. ‘Er is weliswaar een omheining, maar de dieren hebben er een lange uitloop.’ We spotten er elanden, lynxen, vossen, herten en rendieren. De verzorgster lokt beren. Ze gooit over de hoge afsluiting stukjes paardenvlees. De beer zwaait met zijn poot. Op bevel toont hij een kunstje. We zijn kritisch. Geconditioneerde dieren doen afbreuk van het wildlife experience gevoel.

De dierenverzorgster begeleidt ons door een tunnel naar de wolvenlodge, gelegen binnen de omheining van het wolventerritorium. Gegadigden kunnen er een kamer of zelfs de hele lodge voor een nacht afhuren om er wolven te spotten. De dierenverzorgster en haar collega lokken de dieren door het gehuil van de wolven na te botsen. Enige tijd later verschijnen de dieren aan ons raam. Luttele seconden later zijn we in de ban van dit prachtige dier. Onder de indruk verlaten we de tunnel.

Rita’s verhaal
 

Op de terugweg naar Narvik praat Rita honderduit over de Samicultuur.

‘In de jaren ’50 – ’60 was het een schande om tot de Sami te behoren. Vrouwen werden er verplicht gesteriliseerd. De Sami woonde tot in de jaren ’70 in kleien hutten. De Noren associeerden deze hutten met ‘vuil’ en bijgevolg bestempelden ze ons als onhygiënische mensen.’ Rita wijst ons op de onderlinge verschillen. ‘Onze traditionele kledij is clangebonden. De noordelijke en zuidelijke Sami dragen verschillende kleuren. Wij gebruiken geel en rood. Onze schoenlinten knopen we op een welbepaalde manier, zoniet brengen ze ongeluk. De Zweedse en Finse Sami trouwen bij voorkeur met elkaar. Een Samitrouw is zo prachtig om mee te maken!’ Rita spreekt vol vervoering. ‘De bruid is zeer mooi. Haar sieraden, zilveren broches, kettingen, wegen soms zo zwaar, zodat ze nauwelijks kan stappen. Op een trouwfeest kunnen tot 2000 gasten opdagen. De mensen lopen binnen, eten en drinken, gaan daarna slapen en dan begint alles van vooraf aan, drie dagen lang.’

Trots vertelt Rita dat de Sami verhalen kent over de eigen clan die teruggaan tot in 1600. Ze vertelt ons een jongere anekdote. ‘In 1850 kende de Sami grote hongersnood. Mijn overgrootvader stuurde zijn kinderen weg naar pleegezinnen in Noorwegen, zodat ze een beter leven zouden krijgen. Ze moesten meewerken in het gezin. Ook de eigen kinderen werkten mee. Dat paste in die tijdsgeest. Tot in de jaren ’80 was een Lap niets. Onze situatie was vergelijkbaar met deze van de zigeuner,’ verzucht Rita. ‘We zijn altijd tweederangsburgers geweest. De Sami vergat zijn taal. Hij was altijd onderweg. Traditioneel trekken 3 tot 10 families met hun rendieren langs de kustlijn. Ze komen naar huis om uit te rusten. Onze clan woont rond Narvik. Als de mensen te oud worden om rond te trekken, neemt een zoon de rendieren over.’

Hoe is jullie situatie tegenwoordig? ‘Vanaf 1990 is er veel veranderd. Nu zijn er zelfs scholen, waar de lessen in een Samitaal worden gegeven. We verwierven een eigen parlement. Het heeft geen politieke macht, wel culturele. Toch kunnen de Noren niet langs ons heen. Zo slagen we erin om natuurgebieden te beschermen. De Sami is opnieuw trots op hun eigenheid. Sami is opnieuw trendy.’

Het verhaal van Lemet

Eens terug in het hotel maken we kennis met de vierentwintigjarige Lemet, Sami. We vragen ons af wat het betekent om Sami te zijn in Noorwegen? ‘‘In de jaren ’30 tot ’80 gold een verbod op alles wat Sami was. De eerste generatie Sami kon pas in 1991 studeren in zijn eigen taal. De moeder van mijn overgrootmoeder stierf bij de geboorte van mijn grootmoeder. Haar kinderen, een jongen en een meisje werden geplaatst bij een predikant. Het meisje werd in het huis opgevoed, de jongen als stalknecht. Ze groeiden op zonder dat ze wisten dat ze broer en zus waren. Gezinnen werden uit elkaar gerukt. Grootvader had rendieren. Hij werd onder druk gezet om zich te vestigen. Mijn ouders trouwden traditioneel voor een sjamaan, een ngaidi. De ngaidi was ongehuwd, de oudste van het dorp en geleerde. Hij was onze spirituele leider. In 1800 verbrandde men de ngaidi’s. We houden niet van de naam ‘Lap’. Dat betekent zoveel als een stukje – en dan nog een heel klein – papier, een stukje onbenul. Sami betekent ‘mens’.

Hoe ons leven er nu uitziet? We voelen ons anders dan de Noren. We houden er een andere filosofie op na. De natuur is onze moeder en daar moeten we zorg voor dragen. We houden van haar. Mensen vernietigen haar. Gelukkig hebben we een eigen parlement ter ondersteuning van het culturele leven. Het parlement overlegt met de overheid. Het kon bepaalde projecten tegenhouden zodat we de natuur en bepaalde Saminederzettingen konden beschermen.’

Lemet maakt moeilijke periodes door, niet alleen doordat hij Sami, maar ook daar hij homo is. De Noren zijn ruimdenkend en ook daar mogen homo’s trouwen, maar bij de Sami is het onderwerp taboe. Gelukkig reageren zijn ouders na enige tijd begripvol. In de Samigemeenschap is hij een verstoteling. Wanneer we hem polsen naar zijn verwachtingen naar de toekomst toe, zegt hij enkel: ‘Ik wil een politicus worden. Het is erg belangrijk voor de Samicultuur dat ze kan overleven én moderniseren. Ik wil een goede politicus zijn die voor zijn volk opkomt.’

Afscheid van Narvik en Noorwegen.

In 7 minuten tijd brengt de gondel kabelbaan de gegadigden op de top van de Narvikfjellet, 656 meter boven de zeespiegel. Wij wachten echter middernacht af en nemen een taxi naar de top om te genieten van een laatste zonsondergang. Morgen keren we huiswaarts.

De eerdere bijdrages lees je na via:
www.karaat.be/public/news/3297 en
www.karaat.be/public/news/3387


Tekst en foto's: Ria Anyca